Spring naar hoofd-inhoud

ISSO-Rapport 3217 Brandveilig doorvoeren in de sanitaire techniek

Aangemaakt door Liesbeth |

Een wand of vloer brandwerend uitvoeren conform het Bouwbesluit is redelijk eenvoudig op te te lossen, echter het wordt moeilijk als daar een leiding doorheen gevoerd moet worden. Installateurs worden steeds vaker geconfronteerd met de vraag of zijn hun leiding van de nodige brandwerende voorzieningen willen voorzien. Daarbij moet rekening worden gehouden met de vereiste brandwerendheid van de scheidingsconstructie in minuten, de eigenschappen van het leidingmateriaal bij brand, de diameter van de leiding, en de vorm en grootte van de sparing. Het is een misvatting dat het simpelweg aanbrengen van brandmanchetten voldoende soelaas geeft.

 

NTR 3216-2003 geeft al de nodige aanwijzingen, echter er bleek behoefte aan meer en meer gedetailleerde informatie. Daarnaast wenste men standaardoplossingen voor veel voorkomende situaties.



In opdracht van Uneto-VNI Groep Techniek heeft ir. R.J. Boot - Dijkhuis van Adviesburo Nieman een inventariserend onderzoek uitgevoerd naar doorvoeringen van kunststof. en metalen afvoerleidingen. De resultaten ervan zijn ondergebracht in ISSO-Rapport 3217. Deskundigen van o.a. TNO, Nibra, gemeenten en industrie hebben het concept-rapport van commentaar voorzien. ISSO heeft het document verder bewerkt tot een volwaardig ISSO-rapport.

 

 

Regelgeving brandveiligheid
De brandveiligheid van een gebouw moet voldoen aan eisen die door de overheid gesteld worden. Hierbij kan een onderscheid worden gemaakt in bouwkundige eisen en gebruiksvoorwaarden. De bouwkundige eisen worden gesteld in het Bouwbesluit.

Een groot deel van de voorschriften uit het Bouwbesluit heeft een relatie met brandveiligheid. Deze voorschriften zijn er op gericht:

  • het ontstaan en de ontwikkeling van brand en rook te beperken,
  • de uitbreiding van een brand te beperken en
  • de vluchtveiligheid van personen te waarborgen.


Beperking van het ontstaan en ontwikkeling van brand en rook
Om de kans op het ontstaan van brand te beperken worden eisen gesteld aan de brandbaarheid van bouwmaterialen. Daarom is het bijvoorbeeld niet toegestaan zeer eenvoudig ontvlambare materialen als bouwmaterialen toe te pas-sen. Om de ontwikkeling van brand te beperken mogen materialen geen grote mate van brandvoortplanting bezitten. Om de hoeveelheid rookproduktie te beperken (nodig voor het vluchten), worden voorts eisen aan de rookdichtheid van materialen gesteld. De eisen aan de brandvoortplanting en rookdichtheid zijn zwaarder als de materialen worden toegepast in (brand- en) rookvrije vluchtroutes.

Beperking van de uitbreiding van een brand
Om de omvang van een brand te beperken moet een gebouw worden ingedeeld in brandcompartimenten en subbrandcompartimenten. Rondom de compartimenten dienen brandwerende scheidingsconstructies geplaatst te worden om de brand binnen de begrenzingen van het compartiment te houden.

Waarborging vluchtveiligheid
Om de vluchtveiligheid van personen te waarborgen worden op twee niveau eisen gesteld:

  • Om te voorkomen dat personen gedurende langere tijd door rook moeten vluchten, moet een gebouw worden ingedeeld in rookcompartimenten. Rondom de rookcompartimenten dienen rookwerende scheidings-constructies geplaatst te worden om er voor te zorgen dat men na het passeren van deze rookscheiding van rook gevrijwaard is.
  • Om te voorkomen dat men tijdens een calamiteit het gebouw niet meer op een veilige manier kan verlaten, worden eisen gesteld ten aanzien van het aantal rookvrije vluchtroutes. Er worden eisen gesteld aan de brandwerendheid van de scheidingsconstructies tussen bovengenoemde (sub)brandcompartimenten en de vluchtroutes.


Relatie sanitaire techniek en regelgeving brandveiligheid
In een gebouw zijn verschillende installaties aanwezig om de waterhuishouding te regelen (sanitaire techniek), het binnenklimaat te regelen (luchtbehandeling) en energie te transporteren (elektrotechniek). In deze publicatie wordt de sanitaire techniek behandeld. 

Uit oogpunt van brandveiligheid zijn scheidingsconstructies vereist rondom compartimenten (brand- en rook-compartimenten) en ten opzichte van bepaalde vluchtroutes. Deze scheidingsconstructies dienen een bepaalde brandwerendheid of rookwerendheid te bezitten. 

Gesteld kan worden dat de regelgeving over brandveiligheid en de sanitaire techniek botsende belangen hebben. Uit oogpunt van brandveiligheid moet een brand immers binnen een compartiment blijven (dus niet getransporteerd worden) en uit oogpunt van sanitaire techniek dient het medium water juist wel getransporteerd te worden. 

Ter plaatse van zowel de brandscheidingen als de rookscheidingen treden knelpunten op ten aanzien van het realiseren van de brand- of rookwerendheid; het waterleidingnet en het rioolstelsel doorbreken de brand- of rook-scheidingen en vormen hierdoor 'lekken' in deze brand- of rookscheidingen. Daarom dienen de doorvoeringen van deze leidingen eveneens brand- of rookwerend uitgevoerd te worden.

De opbouw van ISSO-rapport 3217
Na de inleiding betreffende regelgeving worden in algemene zin de relevante kenmerken van riolerings- en leidingwaterinstallaties behandeld. Vervolgens wordt ingegaan op materiaalgedrag bij brand van de meest gebruikte installatiematerialen en hoe men kan voldoen aan de vereiste criteria.

n hoofdstuk 3 komen de oplossingen bij brandwerende doorvoeren van kunststof leidingsystemen aan de orde en in hoofdstuk 4 die voor metalen leidingsystemen. Met technische tekeningen en foto’s worden de oplossingen zichtbaar gemaakt.

Oplossingen
De oplossingen zijn weergegeven in zeer gedetailleerde afbeeldingen, waaruit tevens de meest logische werkvolgorde blijkt. Hierna staan twee voorbeelden gegeven.

 

 

Inhoudsopgave:

Voorwoord       

Hoofdstuk 1      Inleiding brandveiligheid

1.1                       Regelgeving brandveiligheid

1.2                       Relatie sanitaire techniek - regelgeving brandveiligheid

Hoofdstuk 2      Sanitaire techniek

2.1                       Leidingen sanitaire techniek

2.1.1                    Omvang sanitaire techniek

2.1.2                    Materiaalkeuze en dimensionering

2.1.3                    Waterleidingen

2.1.4                    Binnenriolering

2.1.5                    Materiaalgedrag bij brand en vereiste brandwerendheid

2.2                       Noodzaak brandwerende voorzieningen

2.2.1                    Beproevingsmethode

2.2.2                    Materiaalgedrag bij brand versus het voldoen aan de criteria

Hoofdstuk 3      Doorvoeringen van kunststof leidingen

3.1                       Brandwerende voorzieningen bij kunststof leidingen

3.1.1                    Brandmanchetten

3.1.2                    Flexibele stroken

3.1.3                    Brandwerende kitten

3.1.4                    Isolatieschalen

3.1.5                    Afdichting sparing: brandwerende schuimen

3.1.6                    Afdichting sparing: afdichtingsplaat

3.2                       Praktijktoepassingen

3.2.1                    Situatie 1: Kunststofleiding door steenachtige wand

3.2.2                    Situatie 2: Kunststofleiding door lichte scheidingswand

3.2.3                    Situatie 3: Kunststofleiding door lichte schachtwand

3.2.4                    Situatie 4: Kunststofleiding door een steenachtige vloer

3.2.5                    Situatie 5: Kunststofleiding door houten vloer

3.3                       Bijzondere situaties

3.3.1                    Meerdere kunststofleidingen door een sparing

3.3.2                    Doorvoeren van trillende leidingen

3.3.3                    Leidingen niet bereikbaar aan een vuurbelaste zijde

3.3.4                    Een bocht in de leiding direct na de doorvoer

3.3.5                    Leiding scheef door een sparing

3.3.6                    Leidingen die door een sparing met mantelbuis worden gevoerd

3.3.7                    Dubbelwandige en met aluminiumversterkte leidingen

3.3.8                    Verslepen van leidingen door een houten vloer

3.3.9                    Leidingen (met kleine diameter) door paneelconstructie

3.3.10                  Vloerputten

3.4                       Fouten en knelpunten uit de praktijk

3.4.1                    Het afdichten van een doorvoer met PUR-schuim

3.4.2                    Het verkeerd beugelen van een leiding

3.4.3                    Het aanbrengen van ondersteuningsschalen in een doorvoer

3.4.4                    Voorzieningen niet afgestemd op de toegepaste materialen

3.4.5                    Leidingen door een meterkastvloer

3.4.6                    Verkeerd toepassen van testrapport

3.5                       Marktontwikkelingen

3.5.1                    Brandwerend schuim

3.5.2                    Glasvezeldoek

3.5.3                    Brandmanchet / flexibele strook voor composietbuizen

3.5.4                    Haakse manchet

Hoofdstuk 4      Metalen doorvoeringen

4.1                       Brandwerende voorzieningen bij metalen leidingen

4.1.1                    Isolatieschalen

4.1.2                    Brandwerende coating

4.1.3                    Brandmanchetten

4.1.4                    Brandwerende kitten

4.1.5                    Flexibele stroken

4.1.6                    Afdichting sparing: brandwerend schuim

4.1.7                    Afdichting sparing: afdichtingsplaat

4.2                       Praktijktoepassingen

4.2.1                    Situatie 1 Metalen leiding door steenachtige scheidingswand

4.2.2                    Situatie 2 Metalen leiding door lichte scheidingswand (holle wand)

4.2.3                    Situatie 3 Metalen leiding door lichte schachtwand

4.2.4                    Situatie 4. Metalen leiding door een steenachtige vloer

4.2.5                    Situatie 5 Metalen leiding door houten vloer

4.3                       Bijzondere situaties

4.3.1                    Meer leidingen door een sparing

4.3.2                    Doorvoeren van trillende leidingen

4.3.3                    Leidingen slechts bereikbaar aan één zijde

4.3.4                    Leidingen scheef door een doorvoer

4.3.5                    Leidingen die door een sparing met mantelbuis worden gevoerd

4.3.6                    De aanwezigheid van brandbare isolatie of een kunststof mantel rondom de metalen leiding

4.3.7                    Verslepen van leidingen door een houten vloer

4.3.8                    Leidingen (met kleine diameter) door paneelconstructies.

4.4                       Fouten en knelpunten in de praktijk

4.4.1                    Het afdichten van een doorvoer met PUR-schuim

4.4.2                    Het verkeerd beugelen van leiding

4.4.3                    Voorzieningen voor kunststof leidingen toegepast bij metalen leidingen

4.4.4                    Coating niet goed aangebracht

4.4.5                    Leidingen door een meterkastdoorvoer

4.4.6                    Verkeerd toepassen van testrapport voor wat betreft uitbreiding toepassingsgebied

4.5                       Marktontwikkelingen

4.5.1                    Brandwerend schuim

4.5.2                    Glasvezeldoek

4.5.3                    Flexibele strook

Hoofdstuk 5      Testen van brandwerende doorvoeringen

5.1                       Algemeen

5.2                       De hulpconstructie

5.3                       Doorvoeringen

5.4                       De ETAG

5.4.1                    Samenvatting

 

 

 

Terug